Appeltjes met kip en geitenkaas

Logischerwijs wordt geitenkaas van geitenmelk gemaakt. Hierdoor heeft het duidelijk een andere smaak dan kaas gemaakt van koemelk die je herkent uit duizenden.
Zo zijn er de bekende zachte rolletjes en plakjes, die ideaal zijn om te verkruimelen boven salades, risotto, pizza en voor op brood. Naturel zijn ze al heerlijk (zeker die met een zacht ‘korstje’), maar ook met honing of kruiden ideaal om een gerecht op te fleuren.
Zelf eet ik alle kazen graag, maar geitenkaas hoort bij de favorieten. Het recept met appeltjes en kip is heerlijk! Een lekkere lichte lunch. Eens op een andere manier dan de geitenkaas-salade die op veel bistro menukaarten staan.

2 à 3 jonagoldappels per persoon
1 fijngesnipperde sjalot
3 kipfilets in kleine blokjes gesneden
een paar takjes (citroen)tijm
sap van 1 citroen
100 g geitenkaas (kies een smeerbare versie!)
peper, zout, olijfolie

  • Verwarm de oven voor op 180°C.
  • Snijd het hoedje van de appels af. Hol de appel volledig uit, maar zodanig dat hij nog mooi stevig staat en zorg dat de bodem dicht blijft. Uithollen kan je met een lepeltje dat je gebruikt om bolletjes uit de meloen te halen. Je vindt het in de supermarkt. De vulling hou je apart . De vulling snij je vervolgens fijn en laat je zacht worden op een laag vuur, tot een compote.
  • Strijk de binnenkant en de bovenste rand van de appels in met citroensap zodat ze niet onmiddellijk bruin worden. Doe een dun laagje olijfolie in een ovenschaal en schik de appels erin. Zet ze ongeveer 8 min in een voorverwarmde oven van 180 graden.
  • Fruit intussen de sjalot aan in wat olijfolie en bak de met peper en zout gekruide kleine kippenblokjes goudbruin. Voeg nu wat verse tijm toe.
  • Neem de uitgeholde appels uit de oven en doe wat kippenblokjes in de appel. Daarboven komt een laagje appelcompote. Sluit af met kippenblokjes. Werk af met wat geitenkaas en wat tijm. Vul zo alle appels. Schijf de appels met de vulling nu 5 min. in de oven tot de kaas wat gesmolten is en serveer.

Smakelijk!

Kokos-vissoep met noedels en citroengras

Zoek je een stevige soep die je als hoofdmaaltijd of lunch kunt serveren? Dan is deze soep zeker geschikt! Je brengt deze soep op smaak met citroengras, ook wel bekend als sereh. Citroengras heeft een frisse, nootachtige smaak. Je kunt het niet rauw eten en de stengel wordt daarom vaak meegekookt of gestoofd. Voordat je gaat eten haal je dan het citroengras weer uit het gerecht. In de Aziatische keuken is hij de meest gebruikte smaakmaker. Door het citroengras op drie plaatsen te kneuzen, komen de smaken vrij en worden deze aan het gerecht afgegeven….heerlijk

 

DSC_8932[1]250 g kabeljauwhaasje

100 g noedels

2 eetlepels sojasaus

600 ml groentebouillon

1 eetlepel zonnebloemolie

1 stengel citroengras

250 ml kokosmelk

125 g champignons

300 g broccoli

1 knoflookteen

1 (of 1/2 als je de soep minder pittig wil) rode peper

peper

Bereid de bouillon met een tablet en heet water. Schil de gember en snij fijn. Verwijder de zaadlijsten van de rode peper en snij fijn. Snij of pers de knoflookteen. Snij de bloem van de broccoli in kleine roosjes en de stronk in fijne schijfjes. Snij de champignons in partjes. Kneus het citroengras in drie en snij de kabeljauw in blokjes.

Verhit de zonnebloemolie in een wok of soeppan met deksel en fruit de gember, rode peper en knoflook 1 minuut op een middelmatig vuur. Voeg de kokosmelk, bouillon, broccoli en citroengras toe, dek de pan af en breng aan de kook.

Kook de soep voor een 10 tal minuten  en voeg halverwege de champignons, noedels en de kabeljauw toe aan de pan. Breng op smaak met de sojasaus.

Hak ondertussen de koriander fijn.

Haal het citroengras uit de soep en verdeel de soep over de kommen. Garneer met koriander en peper

Smakelijk!

Recept: HelloFresh