Kip-kerriestoofpot met rijst

In gerechten kom je dikwijls de benaming kerrie of curry tegen. Ik vraag me dan telkens af wat toch het verschil is. Als je aan de potjes ruik dan is de geur toch gelijkend. Ik zocht het op en vond het antwoord bij Jeroen Meus. Hij zegt:
In de winkel koop je potjes of zakjes met curry- of kerriepoeder. In dat geval gaat het om een mix van specerijen die wereldwijd gebruikt wordt voor allerhande kruidige gerechten. De term ‘kerrie’ wordt voornamelijk in Nederland gebruikt. Belgen houden het bij currypoeder. De exacte samenstelling kan verschillen van producent tot producent. Een curry kan ook verwijzen naar een Indiase bereiding die meestal behoorlijk wat pit heeft. In dat geval zal de saus klaargemaakt zijn met een specifieke mix van specerijen. Van mild tot heet.”
En als Jeroen het zegt dan zal het ook wel zo zijn! 😉
 kipfilet, rauw
1 middelgrote ui
600 g wortel
olijfolie
peper en zout, currypoeder, chilipoeder
200 g rijst, basmati, ongekookt
600 ml groentebouillon
300 g doperwten, diepvries
125 g yoghurt, mager
2 lepels bloem
Peterselie (eventueel voor de afwerking)
Spoel de kipfilets af, dep droog en snij in blokjes. Snipper de ui. Schil de wortels en snij in plakjes.
( ik gebruikte wat meer erwtjes en wortels omdat ik graag meer groenten eet)
Verhit olie in een kookpan en bak de ui en kipfilet ca. 5 minuten rondom. Breng op smaak met peper, zout en currypoeder.
Voeg de wortels en de rijst toe.
Blus af met bouillon en laat ca. 20 minuten garen. Roer regelmatig door.

Voeg de doperwten ca. 5 minuten voor het einde van de gaartijd toe.
Meng de yoghurt met de bloem, roer erdoor en laat het stoofpotje gaar worden.
Was eventueel de peterselie, schud droog en hak fijn.
Breng het stoofpotje op smaak met peper, zout en chilipoeder (zorgt voor wat pit, heel lekker!!) en garneer met peterselie.
Smakelijk!

Spitskoolpannetje met ham

Je hebt ze allicht al zien liggen bij de groenteboer. De kegelachtige kolen die heel lichtgroen van kleur zijn; spitskolen. Of misschien heb je ze al meerdere keren klaargemaakt of vind je ze niet lekker…wat ik durf betwijfelen, want spitskool is heel sappig, zacht en licht verteerbaar en ook bij ons de favoriete kool.
Het recept is iets wat zowel in de winter als in de zomer op tafel kan…en een weetje: het is zelfs lekker koud, als meeneemlunch!
De ham kun je eventueel weglaten en geroosterde nootjes aan toevoegen.

1 middelgrote rode ui
400 g aardappelen, vastkokend!
500 g spitskool
100 g gekookte ham
olijfolie
200 ml groentebouillon
100 ml room
snufje nootmuskaat

Pel en snipper de ui.
Schil de aardappelen en snij in kleine blokjes.
Maak de spitskool schoon, halveer, verwijder de stronk en snij de spitskool in fijne repen. Snij de ham in blokjes.
Verhit de olie in een pan op middelhoog tot hoog vuur, bak de ui met aardappel en ham ca. 5 minuten en bestrooi met peper en zout.
Doe de spitskool erbij en bak ca. 5 minuten mee.
Blus af met bouillon en laat met een deksel op de pan ca. 20 minuten zachtjes koken.
Verfijn het spitskoolpannetje met room, breng kort aan de kook en breng op smaak met peper, zout en nootmuskaat.
Smakelijk!

Mediterrane kippenstoofpot met knolraapjes en abrikozen

Knolraap was hard op weg een vergeten groente te worden, maar tegenwoordig komt dit smakelijke knolgewas weer meer in de belangstelling. En dat is terecht, want het is gezond, erg lekker en je kunt er in de keuken veel kanten mee op.
Dus niet alleen in grootmoeders hutsepot, maar ook rauw, gekookt, gestoofd en zelfs geroosterd! Ik leerde groenten roosteren in de oven door even mee te doen als StarttoVegan  (wat mislukte, zie oudere blogs). Maar bon,  de geroosterde groenten zijn gebleven en nog steeds favoriet! Bij dit recept hoef je niet te roosteren, maar stoven. Klaar?

Kip (poten, dijen, of een hele kip in stukken, wat je maar wil)
400 g knolraapjes, in stukken
400 g wortelen, in stukken
1 onbehandelde citroen
2 takjes verse tijm
600 g aardappelen, in stukken
3 dikke sjalotten, in stukken
1 teentje knoflook, geperst
150 g gedroogde abrikozen
400 g tomatenstukjes (blik)
2 eetlepels vloeibare honing
1 liter kippenbouillon
2 eetlepels olijfolie
1 koffielepel sambal (wat pit, maar het valt mee)
1 koffielepel ras-el-hanout

Bestrooi de kip met ras-el-hanout en wrijf ze in zodat ze goed bedekt zijn.
Rasp de schil van de citroen (niet het wit!)
Verhit 1 eetlepel olijfolie in ene kookpot met een dikke bodem (type Creusette) en stoof de sjalotten en de look glazig. Haal uit de pot.
Verhit opnieuw 1 eetlepel olie in dezelfde pot. Bak de stukken kip aan alle kanten goudbruin.
Voeg de citroenzeste, de honing, de abrikozen en de sambal toe en laat nog even meebakken
Voeg de sjalot en de look weer toe, samen met de stukken raap, de aardappels en de wortels.
Overgiet met de bouillon en de tomatenstukjes.
Kruid met de tijm, wat zout en peper
Laat ongeveer 35 min afgedekt sudderen op een zacht vuur.

Smakelijk!

Langzaam gebraden kip met knoflook en citroen

Als zij het zegt dan is het zo! Wij waren direct fan van dit gerecht!

“Dit is zo’n gerecht dat je onmogelijk maar Ă©Ă©n keer kunt maken, ik bedoel, na de eerste keer ben je meteen verslaafd. Het is zo lekker makkelijk: je hoeft alleen maar alles bij elkaar in een braadslee te leggen en die in de oven te zetten, en je huis vult zich met de zomerse geuren van citroen en tijm – en natuurlijk, zachte, bijna honingzoete knoflook. Het idee heb ik van de Franse kippenstoofsels met hele tenen knoflook, die ik alleen nog een beetje wil oppeppen met een zomerse citroen. Het mooie ervan is dat je de citroen niet alleen als smaakgever gebruikt, maar ook als volwaardig onderdeel van het gerecht. Door de grote stukken langzaam in de oven mee te laten bakken karameliseren ze bijna en kun je ze zo eten, met schil en al. De bitter-zure vruchten zijn door de warmte lekker zoet geworden.” – Nigella Lawson

  •  kip met been (2 tot 2ÂŒ kg), in 10 stukken verdeeld (ik nam bovenbouten)
  • 1 bol knoflook, in ongepelde teentjes verdeeld
  • 2 citroenen zonder waslaagje, elk in acht stukjes
  • een handjevol verse tijm
  • 3 eetlepels olijfolie
  • 150 ml witte wijn

Verwarm de oven voor op 160 °C

Leg de stukken kip in een braadslee en doe de knoflook, stukjes citroen en tijm erbij. Trek daarvoor de blaadjes tijm grofweg van de takjes af en laat er een paar heel om later ter garnering te gebruiken.
Giet de olie erbij, meng alles met je handen door elkaar en doe het mengsel over in de braadslee. Zorg dat de stukken kip met het vel naar boven liggen.
Sprenkel er de witte wijn op en maal er wat zwarte peper over, dek de braadslee strak af met aluminiumfolie en zet hem 2 uur in een oven die je op de smaak-intensiverende lage temperatuur van 160 °C hebt voorverwarmd.

Haal het folie weg en verhoog de oventemperatuur tot 200 °C. Bak de kip nog 30 tot 45 minuten, tot het vel mooi goudbruin is en de citroenen aan de randjes beginnen te schroeien en te karameliseren.

Smakelijk!

 

Creoolse lamsgehaktballetjes

Het is vrij voor de hand liggend, maar gehakt is vlees dat in stukken is gehakt of door de gehaktmolen is gehaald. Hierdoor krijgt het een fijne structuur, gaart het makkelijker en kun je het gebruiken voor tal van gerechten. Vroeger werd voornamelijk restafval gebruikt voor de productie van gehakt, maar tegenwoordig zien we steeds vaker dat ook de betere (en meer smaakvolle) delen van dieren worden gebruikt. Over de hele wereld wordt wel gehakt gebruikt, in sommige landen en streken meer dan op andere plekken, maar ook veel andere soorten. Zo zien we in de Marokkaanse, Turkse en Griekse keuken veel meer lamsgehakt, en zijn ze in ItaliĂ« fan van varkensgehakt. Deze balletjes zijn superlekker met lamsgehakt, vooral de typische smaak van het vlees maakt dat de balletjes ‘speciaal’ zijn!

 

  • 4 eetlepels melk
  • 2 sneetjes witbrood zonder korst
  • 500 gr lamsgehakt
  •  1 grote ui, fijngehakt
  • 2 teentjes knoflook, geperst
  • 1 a 2 eetlepels kerriepoeder
  • 1 groot ei
  • 5 eetlepels olijfolie
  • 1 blik tomatenstukjes (a 4 dl)
  • 2 gele paprika’s, in stukjes
  • 1,5 dl Griekse of Turkse yoghurt
  •  1 a 2 theelepels paprikapoeder
  • 3 eetlepels fijngesneden peterselie
  • 2 lente-uitjes, fijngesneden
  • peper en zout

Week het brood in de melk. Meng het gehakt met 2 eetlepels ui, 1 teentje knoflook, kerriepoeder, ei en geweekt brood. Vorm er ongeveer 16 kleine gehaktballen van (of 8 grotere, jij kiest!)
Verhit 3 eetlepels olie en bak hierin de gehaktballen in 4-5 minuten rondom bruin.
Neem ze uit de pan.

Bak de rest van de ui in 4-5 minuten lichtbruin in het achtergebleven braadvet.
Voeg de tomatenstukjes met vocht en de paprika toe en laat alles 15 minuten zachtjes stoven.
Roer de yoghurt, paprikapoeder, peterselie, 1 teentje knoflook en lente-ui erdoor en breng op smaak met zout en peper.
Verwarm de gehaktballen nog 5 minuten in de saus.

Smakelijk!

(Bron: Culy)

Gezonde chocoladekoekjes

Liefst een suikervrij koekje dan?! Deze zijn echt superlekker!
Laat je niet weerhouden door de olijfolie en havermout, probeer uit en laat me weten hoeveel je er achter mekaar van op at! 😉

 

Voor ongeveer 16 stuks:

2 eieren
2 eetlepels agavesiroop (of honing)
3 eetlepels cacao (ik nam rauwe)
2 eetlepels olijfolie
100 g havermout
25 g extra pure chocolade, fijn geraspt

Oven op 180°C.
Klop de eieren met de agavesiroop 5 minuten tot een bleekgele crĂšme.
Voeg al kloppend de cacao en de olijfolie toe en klop alles goed door elkaar.
Spatel tot slot de havermout en de geraspte chocolade eronder.

Leg het deeg op een stuk bakpapier en leg er een ander stuk bakpapier op.
Rol het deeg tussen het papier tot een lap van 1/2cm dik.
Trek het bovenste papier af en maak met een vormpje rondjes en leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat. Rol de restjes deeg opnieuw uit en steek hier verder koekjes uit tot je geen deeg meer over hebt.

Bak de koekjes ongeveer 10-15 min in een warme oven. Laat afkoelen

Smakelijk!

Tip: Maak ze extra lekker door tussen 2 koekjes een dikke laag choco te smeren.

Bron: Voedselzandloper kookboek

 

Gebakken radijsjes met appel en honing

We hebben al allemaal radijsjes gegeten. Als tapas bij de aperitief of fijngesneden in een salade. Maar wisten jullie dat ze ook heel lekker zijn als je ermee kookt?
Radijs is familie van onder andere koolrabi, broccoli en witte kool, en komt voor in talloze verschijningen. Niet alleen de felroze ronde aperitiefbolletjes vallen onder deze groep, ook zijn ze er in het wit, paars, groen en zelfs gemĂȘleerd. En de vorm? Ook die verschilt van soort tot soort en varieert van rond als een knikker tot prachtig langwerpig.
De smaak van radijsjes is scherp, fris en peper-achtig. Doordat ze fris maar pittig zijn, zijn ze de perfecte compagnon voor een simpele salade. Mij kunnen die bolletjes niet bekoren. Ik heb al meerdere malen geproefd, maar nee, echt niet mijn smaak.
Als je ze echter verwarmt, wordt de pittige smaak zachter en de structuur nog sappiger. En dan lust ik ze wel! Dit recept is gewoon lekker, niet speciaal. Je kunt het als bijgerecht serveren, warm of lauw. Zelfs als aperitiefhapje met wat gerookte vis of gewoon zo als salade met andere groenten of vlees/vis bij.

2 bosjes radijsjes
1 appel
wat tijm
olijfolie
versgemalen zwarte peper en klein beetje zout
een lepel honing

Maak de radijsjes schoon, was en halveer ze.
Snijd de appel in blokjes en snijd de tijm fijn.
Verhit olie in een pan en bak de radijsjes op hoog vuur.
Voeg de appel toe en breng op smaak met zout, peper en tijm en laat nog even meestoven.

Smakelijk!

Pasta met spekjes en feta

Je moeder leerde het, je oma deed het en onze culinaire held Jeroen Meus zegt het ongeveer in elke (pasta)aflevering van zijn kookprogramma : “als je pasta kookt, moet je het pastawater goed zouten”.  Maar waarom is dat eigenlijk zo belangrijk?

Het doet wonderen voor de smaak van je gerecht. Want vraag je je af waarom je pastagerechten thuis nooit zo lekker zijn als in Italiaanse restaurants? Dikke kans dat je niet genoeg zout toevoegt aan je pastawater. Je brengt de pasta zelf dus op smaak. Dat kan alleen tijdens het koken, want achteraf zout over je spaghetti strooien, heeft niet hetzelfde effect. Je wil dat het zout doordringt tot diep in de pasta. En dat lukt alleen met voldoende gezouten pastawater. Probeer het eens en je zult versteld staan van het verschil in smaak. Om uit te proberen een simpel pastarecept voor jullie:

 

Pasta volgens je eigen smaak (tagliatelle, macaroni, farfalle…)
2 el olijfolie
100 g spekblokjes
100 g feta
1/2 zoete paprika
1 sjalot
2 teentjes look
150 g kerstomaatjes
1/2 tl tijm
peper van de molen

Kook de pasta volgens de aanwijzingen op het pak. (mĂ©t een goeie snuif zout!) 🙂
Bak de spekblokjes in de olijfolie.
Snij ondertussen de paprika, sjalot en look fijn.
Schep de spekblokjes uit de pan en zet opzij.
Doe nu de paprika, sjalot en look in de pan en bak glazig in dezelfde olijfolie.
Snij de kerstomaatjes in twee en doe bij de rest en laat ze wat meebakken.
Verkruimel er de feta over, doe er de tijm erbij en kruid met peper.
Laat nog een tweetal minuutjes mee pruttelen.
Giet de pasta af en roer de saus onder de pasta.

Smakelijk!

(Naar een recept van http://photo-copy-ann.blogspot.com/)

Ierse stoofpot

 

Lamsvlees.  Sommige mensen zouden er een moord voor doen (zoals ik),  anderen vinden het onsmakelijk en denken onmiddellijk aan het lam dat op bibberpootjes in de wei staat te blaten. En toch is er een goede reden om wĂ©l lamsvlees te eten. Schapen worden over het algemeen niet in te kleine hokken gehouden onder akelige omstandigheden, maar grazen gewoon in de wei. Wie opziet tegen zo’n hele bout, vraagt aan de slager een paar sneden van die bout,  een centimeter of 2 dik. Die zijn in een paar minuten klaar, en lekker! Ik sneed ze in blokjes en maakte er deze stoofpot mee…heerlijk!

350 g lamsvlees (in blokjes)
1 lepel olijfolie
750 ml kippenbouillon
800 g geschilde aardappels
4 wortels in stukken
4 uien in stukken
peterselie
2 lepels tijm
2 laurierblaadjes
peper en zout en wat look

Snijd het vlees in kleine blokjes en bak goudbruin in de olie.

Doe alle overige ingrediënten in de kom bij het vlees en voeg de kruiden toe. Eventjes alles laten meestoven.

Overgiet alles met de kippenbouillon en laat zachtjes gaar stoven in ongeveer 40 minuutjes

Smakelijk!

Courgetti Puttanesca

Een tot de verbeelding sprekende naam voor een recept als je weet dat puta niets anders betekent dan hoer. De eenvoudige saus van tomaten, ansjovis,knoflook,  peper en kappertjes vindt zijn oorsprong in Napels.  Over de opmerkelijke naam doen verschillende verhalen de ronde. Een van die verhalen is dat de dames van lichte zeden, met de sterke geur van de saus, de mannen naar de bordelen lokten en dat ze om het wachten te veraangenamen een bordje van deze heerlijke pasta voorgeschoteld kregen.
Waarheid of niet, wie zal het zeggen.
Ik weet alvast dat deze saus klaar is in …mja, een wip 😉

Laat je niet afschrikken door de courgetti. Je kunt deze saus evengoed eten met pasta, in welke vorm dan ook!

4 ansjovisfilets uit blik
1 blikje tonijn ( 160 g)
2 kleine tenen knoflook
1 rode chilipeper
3 eetlepels olijfolie
1 blik tomatenblokjes (400 g)
2 eetlepels kappertjes
10 zwarte olijven
2 courgettes
Parmezaanse kaas (eventueel)

Laat de ansjovis en de tonijn apart uitlekken.
Pel en snipper de tenen knoflook en snijd de chilipeper fijn (verwijder de zaadjes)
Verhit 2 lepels olijfolie in een koekenpan
Fruit de knoflook, chilipeper en ansjovisfiletjes.
Voeg de tomatenblokjes, kappertjes, olijven en tonijn toe.
Laat de saus 10 minuten zachtjes pruttelen.

Maak met je spiraalsnijder lange slierten van je courgette.
Tip: Heb je dit niet, snij dan hele fijne reepjes met een mes of gebruik een kaasschaaf voor lange dunne repen te maken en snij die achteraf in 2. Of neem gewoon pasta!

Smakelijk!